Surrealistische bedevaart in achterland Costa Brava
door Eric Castien
AMSTERDAM - Er kleven voordelen en nadelen aan een bezoek aan de Costa Brava in de winter. De temperatuur is minder, maar druk zal het nooit zijn. Neem de Dalí-driehoek, bestaande uit het Teatro Museo Salvador Dalí in Figueres, zijn huis in Portlligat (Cadaqués) en het kasteel in Púbol. Zonder wachtrijen en files goed te doen in korte tijd.
Kunstenaar Salvador Dalí zou tevreden de kruleinden van zijn snor bijpunten bij het horen van het nieuws dat er in 2010 meer dan 1,3 miljoen bezoekers in zijn musea zijn genoteerd. De even excentrieke als narcistische Spanjaard inspireert kunstliefhebbers over de hele wereld en trekt zonder het te weten massa’s toeristen naar de Dalí-bedevaartsoorden Figueres, Púbol en Cadaqués. Het zou de in 1989 overleden surrealist overigens niet verbazen. „Mensen vinden mij een beetje vreemd, maar ik verdenk ze ervan stiekem zelf wat meer zoals ik te willen zijn."
Wereldwijd doet de naam Salvador Dalí een belletje rinkelen. Zijn stripfiguurachtige voorkomen en kleurrijke schilderijen die bij het zien een mengeling van verbazing, ongeloof en bewondering veroorzaken, hebben hem vooral in de jaren zeventig en tachtig op de kaart gezet.
Toeristen kennen met name zijn surrealistische werken met namen als ’De volharding der herinnering’ en het ogenschijnlijk frequente gebruik van olifanten en giraffen. Kenners lazen en lezen zijn romans, dagboeken en gedichten, zagen zijn met Walt Disney gemaakte animatiefilm en dwepen met zijn op de renaissancistische kunst gebaseerde klassieke werken. Dalí past moeiteloos in het rijtje Pablo Picasso, Joan Miro en Anton Gaudí. Spaanse kunstenaars met een enorme zuigkracht op iedereen die zijn fantasie wil prikkelen.
Salvador Dalí y Domenech werd geboren in het provinciestadje Figueres. Dit logische beginpunt van de Dalí-driehoek biedt onderdak aan ruim 40.000 inwoners. Zoals dat gaat met toeristische trekpleisters wordt dit aantal in het hoogseizoen verveelvoudigd.
Feit is dat de infrastructuur er ondanks verschillende aanpassingen niet goed op berekend is dat er dan tienduizenden toeristen per week de stad opzoeken. Figueres ligt circa 40 kilometer van Girona, 10 kilometer landinwaarts ten opzichte van de Costa Brava-stranden en 65 kilometer van het Franse Perpignan.
De Empordà-regio ligt tussen de Pyreneeën en de Middellandse Zee en wordt beschouwd als een stukje Toscane in Spanje. Het schilderachtige landschap strekt zich zuidwaarts uit van het uiterste puntje bij Cap de Creus via de Baai van Roses tot het prachtige kustdorpje Begur. Dalí verhaalt in zijn werk veel en graag over zijn geliefde geboortegrond. Dalí zien, is Dalí geloven. Een bezoek aan het in 1974 geopende Teatro-Museo Dalí is een passend startschot. Midden in het centrum van Figueres staat het in eerste instantie verscholen, maar vervolgens door de op het dak uitpuilende witte mega-eieren niet te missen kunstcomplex op Plaza Gala-Salvador Dalí 5.
We merken direct dat een bezoek buiten de spitsweken om voordeel oplevert. Lopend door de kleine gangen richting de grote zalen is het nauwelijks voor te stellen dat hier op een gemiddelde dag in augustus duizenden volwassenen met rugzak en camera lopen. Zonder zweetlucht en irritante opstoppingen stellen we ons open voor de talloze meesterwerken die Dalí achterliet. Net als bij schilders als Van Gogh en Picasso zijn ook Dalí’s schilderijen uitgestald van New York tot Sint-Petersburg, maar de collectie in Figueres is zowel in diversiteit, omvang en schoonheid overtuigend.
Of je nou kijkt naar de Cadillac in de patio, het immense doek in de centrale hal of de schilderijen die Dalí al vlak na zijn pubertijd maakte, je valt van de ene verbazing automatisch in de andere. Ook voor werken van bevriende schilders als Antoni Pitxot is ruimte vrijgemaakt. De plek waar we lopen is verbonden met zowel begin als einde van de artistieke rondreis die Salvador Dalí op aarde maakte. Op 14-jarige leeftijd exposeerde hij hier al toen het gebouw nog het gemeentetheater herbergde.
Na de Spaanse Burgeroorlog besloot de lokale overheid op de resten van het bijna geheel verwoeste theatergebouw een museum te bouwen dat recht deed aan de status en artistieke alomvattendheid van hun beroemdste inwoner. Het was al vrij snel duidelijk dat deze man met minder ook geen genoegen nam. Het voorstel om hem een eigen zaal in het gemeentemuseum te geven, wuifde hij verontwaardigd weg. „Een eigen zaal? Ik verdien een eigen museum!"
En zo geschiedde. Dalí ontwierp het interieur, creëerde ruimtes als de Mae West-zaal en het Windpaleis en reserveerde een groot deel van zijn omvangrijke collectie schilderijen, juwelen, beelden, meubels en boeken. Niet alleen het uitgestalde werk maar ook het gebouw, de aankleding en zelfs de muziek dragen bij aan een unieke, surrealistische museumervaring. „Waarom hier”’, herhaalde Dalí de vraag van een journalist tijdens de opening in 1974. „Ten eerste omdat mijn theatrale kunst in een voormalig theater thuishoort. Ten tweede omdat hier tegenover de kerk staat waar ik gedoopt ben en tot slot omdat ik hier mijn carrière als jongen startte."
Na zijn dood in 1989 werd hij begraven in een tombe, die in een afgescheiden deel van het museum is geplaatst. Op rustige dagen als deze ’verwerkt’ Teatro-Museo Dalí nog altijd honderden bezoekers. Het is niet voor niets het op het Prado in Madrid na meest bezochte museum van Spanje. Toch is het nu goed te doen om in zo’n anderhalf á twee uur de wondere wereld van de bekendste surrealist aller tijden te ontdekken. Eenmaal buiten waan je je nog altijd in een schijnwereld. De diverse beelden, voorwerpen en gedenktekens sleuren je voortdurend in de soms zelfs hallucinerende belevingswereld van de maestro.
Alles op je in laten werken doe je in een van de vele cafés in de omtrek van het museum. We weten de verleiding om in een van de tientallen souvenirwinkels in Figueres enkele posters in te slaan niet te weerstaan. Nog niet eens op de helft van onze driehoeksmissie en nu al verkocht.
Voor we de auto starten zoeken we nog even het huis waar het Catalaanse genie opgroeide op. Volgens de instructies moet het op de eerste verdieping van Carrer Monturiol 20 zijn. Eenmaal op de plek van bestemming doet weinig eraan herinneren dat hier een van ’s werelds meest originele artiesten voor het eerst zijn ogen opendeed.
„Ga maar naar Cadaqués, of eigenlijk Port Lligat”, zegt café-eigenaar Joan Cuñat. „Hiernaast is inderdaad weinig bijzonders te zien. Als er genoeg geld bijeen komt, verrijst hier binnenkort een museum over Figueres zelf. Maar het huis dat hij daar in Cadaqués jarenlang met Gala bewoonde is een kruising tussen een tovenaarshol en een sprookjesbos. Laat ze wel even weten dat je komt."
Ik knik vriendelijk en bedank hem voor het advies. Het huis in Port Lligat wordt uitsluitend onder begeleiding bezichtigd, in groepen van maximaal 8 personen. De telefoonstem van Maria schept vertrouwen. We zijn om half twee meer dan welkom.
Met de huurauto zetten we koers richting Roses. Vlak voor we het centrum binnenrijden slaan we af naar Cadaqués. De navigatiehulp waarschuwt dat we over de laatste 15 kilometer meer dan twintig minuten zullen doen. Haarspeldbochten in zicht.
De grillige natuur met Cap de Creus als middelpunt is het meest oostelijke stukje Spanje en met recht een niemandsland. Dalí omschreef dit natuurreservaat ooit als een geologisch delirium.
Eenmaal aan de andere kant van de stenen rotspuist, en een klein uur na vertrek uit Figueres, doemt een idyllisch wit vissersplaatsje op. Dat moet Cadaqués zijn. De plek waar de familie Dalí in Salvadors’ jeugd de zomermaanden doorbracht.
De plek ook waar zijn vader werd geboren en Salvador en Gala vanaf 1930 een vissershutje van 22 vierkante meter in zo’n vijftig jaar uitbouwden tot een labyrinth-achtig wooncomplex. Elke zoveel jaar werd er weer een aanpalend hutje of stuk grond geconfisqueerd. Alleen tussen 1936 en 1948 lag deze vorm van landjepik stil. Het stel vluchtte in die periode voor de Spaanse Burgeroorlog naar de Verenigde Staten.
We halen eenmaal in Port Lligat op loopafstand van het huis, bekend als Casa-Museu Salvador Dalí, een aan een dag en tijdstip gebonden toegangsticket op. Eenmaal met een aantal nieuwsgierigen in het stenen doolhof zien we door het chaotische nauwe gangenstelsel het huis niet meer. En ook weer wel. Typisch Dalí. Ook hier op het trapgeveligdak weer grote eieren en in de tuin staat de bekende lipvormige bank. De Mediterraanse vergezichten vanuit verschillende vensters zijn bijna letterlijk adembenemend, hoewel een Duitse toerist voor me vooral aandacht schenkt aan het bereik van zijn iPhone.
Of eigenlijk juist het gebrek eraan. „Salvador en Gala lieten zich niet snel gek maken”, knipoogt gids Ana. „Toch knap dan dat ze het hier uiteindelijk wel geworden zijn”, mompelt de Duitse tourdeelnemer. Utrechter Ewout Swinkels gaat er bij het zien van het beroemde zwembad even bij zitten.
„De man moet geniaal én gek geweest zijn. Ongelofelijk. Alles is hier anders, elke kamer, elk detail. Al die vrouwen ook, hij heeft zich wel vermaakt. Ik vind dit indrukwekkender dan het museum in Figueres. Hier zie je pas echt hoe bizar de binnenkamer van Dalí was." Zijn vrouw Mirthe: „De gids vertelde me net dat hier de zon in Spanje als eerste opgaat. Heel bijzonder allemaal."
Om de geestverruimende triangel vandaag nog te voltooien is een klein beetje haast geboden. De rit van hier naar Púbol neemt ondanks de nauwelijks 60 kilometer toch ook ruim een uur in beslag. We dalen af van Hoog Empordà naar Laag Empordà. Onderweg vraag ik me af in hoeverre het middeleeuwse kasteel dat nu onder de noemer Casa-Museu Castillo Gala Dalí mateloos populair is, me nog kan verrassen. Even later, ruim een uur voor het landgoed sluit, geeft Salvador Dalí postuum antwoord. Ja, dat kan. In 1969 kocht de kunstenaar het kasteel als ultieme plek van rust en afzondering voor zijn van oorsprong Russische vrouw en muze Gala.
Op de eigenzinnige, tegendraadse en soms kinderlijke manier die we inmiddels van hem zijn gewend heeft hij zich in de jaren zeventig en tachtig ook hier volledig uitgeleefd. De beroemde olifantenbeelden bewonen de waanzinnige tuin, binnen vind je veel schilderijen, waaronder meerdere portretten van Gala en borstbeelden van een van Dali’s helden, de Duitse componist Richard Wagner.
Wat ons opvalt is dat het erop lijkt alsof Gala elk moment kan binnenwandelen om verschrikt alle bezoekers de deur te wijzen. Alles is in perfecte staat onderhouden. In zekere zin is zij nog altijd aanwezig. Na haar dood in 1982 werd haar crypte in de kasteelkelder ingemetseld. Om even voor vijf uur krijgen we een signaal dat we moeten vertrekken. Missie geslaagd. De Dalí-driehoek is een feest. Ook al doe je er drie dagen, drie weken of drie jaar over.
Openingstijden en tarieven
- Teatro-Museo Dalí: Het museum is het hele jaar geopend en in het voorjaar, vanaf 1 maart, tikken de eerste bezoekers om 9.30 uur de gemiddelde entreeprijs van 12 euro per persoon af. Om 17.14 sluiten de poorten.
- Casa-Museo Salvador Dalí: Vanaf 12 februari geopend tot en met 31 december. Dagelijks te bezichtigen vanaf 10.30 uur. Zorg ervoor dat je uiterlijk om 17.00 uur met de rondleiding start. In de zomer iets ruimere openingstijden. Bel om te reserveren naar 0034 972251015 of stuur een e-mail: pllgrups@fundaciodali.org. Normaal tarief: 11 euro per persoon.
- Casa-Museo Castell Gala Dalí: Het kasteel opent de deuren op 15 maart weer. Tussen 10.00 en 17.15 uur heb je de tijd om de privéwereld van de Dali's te ontrafelen. ?Meer info vind je op www.salvador-dali.org
Reiswijzer
Vanuit Nederland vlieg je met Ryanair voor nog geen honderd euro naar Girona Airport. Ter plekke kun je een auto huren bij onder meer Avis, ATESA en Europcar. Vanuit bestemmingen als Lloret de Mar, Blanes en Calella zijn er goede busverbindingen naar Figueres. Ook vliegveld Barcelona El Prat is een handig vertrekpunt voor de driehoek Figueres – Cadaques – Púbol. Met de trein ben je vanaf Barcelona in ruim een uur in Figueres. Ook vanuit Zuid-Frankrijk is de route goed te bereiken. Van Perpignan is Cadaqués zo'n anderhalf uur met de auto.
Bron: De Telegraaf Reiskrant Weekje weg
« Atrás